Dorpsstraat 334: Muus de Haan


Naklank
"Met de Wormer' oudjes uit rijden".

't Was een dag van groote vreugde
Voor zoo menig man en vrouw,
Die, uit liefde aangeboden,
Van d' Autotocht genieten zou.

't Was een ongewoon verschijnsel,
Nimmer hier door ons ontmoet:
Zooveel Auto's, ook van buiten,
Vormden er een heele stoet.

Onze Zuster en de Dokter
Gingen met de oudjes mee,
Om, zoo noodig, hulp te bieden,
Bij de duinen of aan zee.

's Nachts kon menigeen niet slapen,
Liet het eten er voor staan,
't Was weer, als in kinderjaren,
Als een groote dag brak aan.

Vele burgers brachten gaven:
Worst, sigaren, ook bonbojis,
Wafels, kaas en om te geuren
Een odeurtje uit flacons.

Dra in Velzen aangekomen,
Werd een rustpoos doorgebracht
En, verkwikt door thee en koffie,
Was een ieder weer op kracht.

Gerrit Hartog sprak als praeses:
 En dat was geen holle klank 
Voor U allen, die ons hielpen,
Onzen welgemeenden dank".

Vader Swart en Moeder Maartje
Waren zeer verheugd en blij,
Dansten als vr vijftig jaren,
Schommelden lief, zij aan zij!

Muus de Haan reed met den Dokter,
Boog en knikte met veel air:
Aan mijn lijf geen groentenwagen,
Heden ben ik millionnair".

Gravendijk stond op 't gestoelte,
Zag op de Commissie neer:
Mijne dank, uit naam der oudjes,
Zulk een perzik smaakt naar meer".

Toen terug weer, naar den Heimat,
Voor de oudjes wel wat laat . . .
Toen ze weer in Wormer kwamen:
Duizend menschen langs de straat.

Ons Fanfare was in actie
Aan de kop van heel dien stoet.
Velen werden er bewogen,
Als men zooveel liefd' ontmoet.

Als de schoonste tijd van 't leven
Voor ons is voorbijgegaan,
Doet zoo'n zonnedag in 't leven.
Ons weer blijde voorwaarts gaan.

Onzen dank, gij fanfaristen,
Gij schenkt vreugd' aan groot en klein,
Als muziek en zang bleef zwijgen . .
Minder blij zou 't leven zijn!

Burgers van ons lieflijk dorpje
Laat het niet bij dezen keer
Als elk geeft een kleine gave.
Rijden vast onz' oudjes wr!

M. KOSTER Mz.
Muus de Haan, geboren te Oosthuizen op 19 augustus 1853, kwam op 7 februari 1880 naar Wormer. Hij kwam toen uit Broek in Waterland en werkte als boerenknecht op Engewormer 1a.
Op 4 juli 1880 trouwde hij in Wormer met Jannetje Pot en trok hij met zijn vrouw in bij zijn schoonouders op het adres nummer 153. In september 1880 vertrok het paar naar Purmerend. In november 1880 werd daar zoon Jan geboren.
Op 10 maart 1881 kwam het paar weer naar Wormer en vestigde zich op nummer 153, waar de ouders van Jannetje Pot woonden.
In december 1886 werd nog een zoon Cornelis geboren. Het huisnummer was toen 154.
In het bevolkingsregister van 1900-1920 (blad 256) staat Muus de Haan als groenteboer ingeschreven. Het huisnummer veranderde toen van 272a in A 175.
Jannetje Pot overleed op 27 oktober 1918.
Het huisnummer veranderde in 1927 in Dorpsstraat 99.
In 1929 was Muus 76 jaar oud en maakte hij een autotocht voor de bejaarden van Wormer mee. Maarten Koster maakte daarover een gedicht, dat is afgedrukt in het Wormer en Jisper Advertentieblad van 15 juli 1929.
Muus de Haan overleed op 6 juli 1932 te Amsterdam.

Muus de Haan met zijn hond Bello in de Eendrachtstraat.

Muus de Haan achter zijn huis aan de Dorpsstraat.