't Mirakel van Wormer


Tekst in het boek "De beschuitstoren van Wormer", uitgegeven door de Stichting Uitgeverij Noord-Holland.

Cornelis Willem Bruinvis werd in Alkmaar geboren op 26 juni 1829.
Weliswaar volgde hij tekenlessen bij de Alkmaarse schilder Pieter Plas, desondanks mag het een mirakel genoemd worden dat hij een tekening maakte in 1789, 40 jaar vr zijn geboorte.


Al in 1574 was de beschuitstoren een begrip. Immers, er wordt over verhaald in het boek "In vuur en stormwind", dat gaat over de pinksterdagen van dat jaar in de Zaanstreek.
Het is al een mirakel, dat de toren werd ontworpen door Jan Adriaanszoon Leeghwater, die pas een jaar later zou worden geboren.
Later werd een gedenksteen aangebracht in de noordwand van de toren - boven de al aanwezige steen - met het jaartal 1620. Wellicht is dat gebeurd bij de nieuwbouw in 1647. In dat jaar namelijk is de beschuitstoren blijkbaar opnieuw gebouwd volgens het Bakkerijmuseum. Wat er met de oude toren was gebeurd, is niet vermeld.
In het boek "De beschuitstoren van Wormer" is vermeld, dat Cornelis Bruinvis de toren met oude spits tekende in 1789. Op zich is dat een mirakel, want Bruinvis werd pas geboren in 1829.
Daarna tekende Tavenier diezelfde toren in 1793.
De beschuitstoren, die de bakkers voor brand moest behoeden, vatte in 1805 zelf vlam, althans volgens de aanvraag tot mededinging aan de Arie Keppler-prijs.
Gelukkig werd juist in die jaren (1807) de oude kerk aan de kerkstraat afgebroken en werd de torenspits van de Hervormde Kerk hergebruikt als nieuwe spits van de beschuitstoren. Iedereen blij.
Toen was er ook een Oostenrijkse kunstenaar, die zowel de Westerkerk in Amsterdam als de beschuitstoren een windvaan aanbood in de vorm van vrouwe Fortuna. Die windvaan staat nog steeds op beide torens. Alleen die van de Westertoren ziet er uit als een gewone haan, op zich ook al weer een mirakel.